Stallingen vol. Waar moet camperaar nu met rijtuig naartoe?

Nederlanders bleven vorig jaar tijdens de zomervakantie massaal thuis. En ook dit jaar konden velen niet anders dan de vakantie vieren in eigen land. Veel mensen, die anders een zonvakantie genoten, kochten een caravan of camper, een luxe hut op wielen, waarmee de mooiste plekjes werden opgezocht.

Eigenaren van campers hebben moeite een stalling te vinden.

Eigenaren van campers hebben moeite een stalling te vinden. Foto: Frens Jansen

Maar nu het einde van de zomer nadert, is een winterstalling wel handig, maar juist die zitten vanwege deze camper- en caravanweelde overvol. Een ronde langs deze aanbieders in Oost- en Weststellingwerf laat zien waar de kampeerder nog terecht kan.

We beginnen in Appelscha, bij Rob en Afke Veenstra. Zo’n twintig jaar bieden zij hun loods aan voor de stalling van caravans, campers, maar ook eigenaars van boten kunnen er terecht. We zitten volledig vol, klinkt het als de vraag wordt gesteld. ‘En zodra iemand zijn of haar plaats opzegt, is die eigenlijk zo weer opgevuld’, zegt Afke Veenstra.

Stormloop

Op naar Fochteloo, waar Martin en Gerda (vanwege privacyredenen niet met hun achternaam in de krant) in 2020 hun boerderij hebben omgebouwd tot stalling. Op hun website staat aangegeven dat de stalling vol zit, maar wellicht heeft er net iemand z’n plek opgezegd. Ze hebben hun stalling pas geopend sinds oktober, nog geen jaar. Helaas. ‘Je kunt het een stormloop noemen, binnen mum van tijd zaten we vol’, zegt Gerda. ‘We hebben zelfs twee loodsen kunnen vullen inmiddels.’ De wat kleinere loods is voor camperaars die met regelmaat bij hun voertuig willen om eropuit te trekken. ‘Misschien dat onze buren nog een plekje hebben, maar ik ben bang van niet.’ Tjokvol, maar waar je wel naartoe kunt met je camper, weten wij ook niet, is het antwoord daar.

Advies

Een gat in de markt, zo moet ook Janco de Jong uit Zandhuizen hebben gedacht. Zijn stalling bestaat sinds dit jaar. Stallingen zijn er amper in Weststellingwerf. ‘En als ze er zijn, dan zijn ze vol. Dat merk ik ook. Ik doe niet aan adverteren en toch vonden al vijftien eigenaars mij voor een stalling.’ Hij weet ook dat ‘het stallen van een camper of caravan niet zomaar mag in een woonwijk’. Vaak geldt daar een maximum van vier dagen voor. ‘Als ik een advies moest geven, zou ik een camperaar voor een stalling doorverwijzen naar de grotere stallingen.’

Wachtrij

Net buiten de grens van Weststellingwerf in Oldemarkt is Camper- en Caravanstalling De Oldedrukkerij gevestigd. Klaas de Veen neemt op, ook al heeft hij zijn stalling drie jaar geleden al verkocht. ‘Ik krijg mijn telefoonnummer niet verwijderd van Google. Zoals gezegd, ben ik geen eigenaar meer, maar ik ben nog wel bij de zaak betrokken. Ik krijg momenteel twee telefoontjes per dag van mensen die een stalling zoeken en de camper- en caravanstalling heeft inmiddels een wachtrij van twaalf personen. Er is nergens nog plaats. Wij zitten vol, de buren zitten vol, iedereen zit vol.’ Maar waar de camper nu naartoe moet, blijft onduidelijk.

Stampvol

Op naar de stad. Bert van Dalen bezit jaar sinds jaar en dag een stalling in Assen. Als het probleem hem voorgelegd wordt zegt hij: ‘Hetzelfde verhaal hier. Alles zit stampvol. Ik bel wel eens met collega’s en die zitten ook allemaal vol.’ Wel denkt hij te weten waar al die campers en caravans blijven. ‘Campers en caravans zijn niet goedkoop, dus ik verwacht dat het grootste deel van deze eigenaren wel beschikt over een eigen oprit. Ideaal is het niet, maar ze zetten hem dan gewoon op de eigen oprit en de auto ergens anders in de wijk. Of ze bouwen noodgedwongen een extra garage of huren een unit, maar dat is uiteraard vele malen duurder. Ze moeten wat.’ Het is afwachten hoeveel campers en caravans er komende winter op de opritten te vinden zijn.