Johnny Jansen blikt aan de vooravond van een nieuw seizoen terug en vooruit bij SC Heerenveen: 'Ik heb nog steeds buikpijn van het vertrek van mijn assistent-trainers' (+Podcast)

Met grotendeels dezelfde spelersgroep, maar een fors veranderde technische staf begint SC Heerenveen aan de voorbereiding op het nieuwe seizoen. Johnny Jansen blikt terug en kijkt vooruit. ,,Ik heb nog steeds buikpijn van het vertrek van mijn assistent-trainers.”

We hebben binnen onze staf altijd open en eerlijk gecommuniceerd. Dat het dan zo loopt, ja, daar heb ik last van.

We hebben binnen onze staf altijd open en eerlijk gecommuniceerd. Dat het dan zo loopt, ja, daar heb ik last van. FOTO SCS/SANDER CHAMID

Resoluut schudt Johnny Jansen zijn hoofd, voordat een lach doorbreekt op zijn gelaat. De vraag luidt: hoe kijkt de trainer van SC Heerenveen aan tegen de persoonlijke ambities van zijn twee nieuwe assistenten?

Jansen heeft de vraag de voorbije week geregeld gekregen. En ja, Ole Tobiasen was vorig seizoen zelf nog hoofdtrainer, terwijl Peter Reekers meermaals heeft uitgesproken dat hij ooit als eindverantwoordelijke wil werken.

,,Dit is het eerste wat men vaak benoemt: die assistenten willen hoofdtrainer worden”, zegt Jansen. ,,Ik heb daar helemaal geen last van. Dat zou betekenen dat ik wantrouwend door het leven moet. Dat gaat mij niet gebeuren.”

,,Natuurlijk hebben we ook hierover gesproken”, vervolgt Jansen. ,,Eigenlijk vind ik het wel leuk. Het is toch mooi dat Ole en Peter ambitie hebben? Je moet elkaar omhoogstuwen om beter te worden.”

Jansen (45) begint vandaag met Heerenveen aan de voorbereiding, ruim een maand na de laatste competitiewedstrijd van het teleurstellende voorbije seizoen. De trainer van Heerenveen vierde zijn vakantie op Ameland, samen met zijn vriendin en vorig jaar geboren dochtertje Loïs.

Hij was eraan toe, bekent Jansen onomwonden. Twee vrije weken, na een ronduit hectisch seizoen. ,,Dat jaar heeft heel veel energie gekost. Ik merk dat altijd tijdens de eerste dagen van mijn vakantie. Dan voel ik me niet top, net alsof ik ziek word. Tijdens de tweede week kon ik wel ontladen en ontspannen. Dingen van me af laten glijden.”

Toch stond de club ook tijdens Jansens verblijf op Ameland centraal, al was het maar omdat er volop reuring was in de technische staf. Zo moesten de assistent-trainers Hennie Spijkerman, Jeffrey Talan en keeperstrainer Raymond Vissers vertrekken.

En dus bleef jij als enige van de trainersstaf over. Hoe heb jij die periode ervaren?

,,Heel vervelend. Waardeloos. Het gaat in de eerste plaats om mensen. Collega’s met wie ik jaren goed heb samengewerkt en die ik erg waardeer. We hebben na een halfjaar besproken dat er iemand toegevoegd zou worden aan onze staf. Niet dat er mensen weg zouden gaan. De club (lees: algemeen directeur Cees Roozemond en zijn rvc, red.) heeft deze beslissing genomen. Dat is hun goed recht, maar ik vind het heel spijtig en jammer dat het zo is gegaan.”

In hoeverre was jij hierbij betrokken?

,,Dit was echt een clubbesluit. Ik kreeg deze mededeling tijdens een gesprek met Cees Roozemond.”

Een zucht. ,,Je wilt goed met je mensen omgaan. We hebben binnen onze staf altijd open en eerlijk gecommuniceerd. Dat het dan zo loopt, ja, daar heb ik last van. Ik krijg er weer buikpijn van, nu ik erover praat.”

Heb je overwogen om op te stappen?

,,Nee. Dat niet. Ik wil hier gewoon slagen. En solidair zijn, dat ben je tot aan de voordeur. We hebben met z’n allen elke dag gewerkt. Stopten er alle energie in die we hadden. Dan ben je hartstikke solidair aan elkaar. Maar als je uiteindelijk door de deur naar buiten stapt, gaat iedereen zijn eigen weg. Daarin moet ik ook mijn eigen route kiezen.”

De wijzigingen in de staf zijn onlosmakelijk verbonden met het vorige seizoen. Wat zijn de lessen?

,,Dat begint al in de voorbereiding. Die hebben we niet goed kunnen wegzetten. Vervolgens kregen we in de winterstop heel veel nieuwe spelers. We moesten dus dingen rechtzetten die we in de zomer niet voor elkaar kregen. Normaal heb je in de zomer een paar weken de tijd om te werken aan je team. Nu waren we zoekende, terwijl je van wedstrijd naar wedstrijd leeft. Dat heeft onrust veroorzaakt. Het was niet zo dat er een grote strijd was in de groep. Maar met de komst van die nieuwe jongens ontstond er een nieuwe dynamiek, waarin iedereen zijn plekje moest zoeken.”

Heerenveen was geen team.

,,Zeker na de winterstop niet. Het was gewoon een lastig proces.”

Waarin zijn jullie als staf tekortgeschoten?

,,Misschien wel in het hele proces. Maar als je nu terugkijkt naar de laatste fase van het seizoen: Ajax verloren we, maar hadden we ook gelijk kunnen spelen. Over FC Groningen-uit was iedereen heel enthousiast. Vervolgens kwam PEC Zwolle-thuis. Henk Veerman en Joey Veerman haakten op het laatste moment af door corona. Dat zorgde voor enorm veel onrust. Dat zag je terug op het veld. Tegen PSV en FC Utrecht speelden we gelijk en de laatste twee competitieduels waren gewoon slecht. Ik heb niet het gevoel dat we ergens de grip verloren.”

Je kunt ook zeggen: vier overwinningen na de winterstop. Dat is Heerenveen-onwaardig.

,,Ben ik met je eens. Maar zoals jij ‘m nu wegzet, zo zie ik het niet. Omdat we ook wedstrijden hebben gespeeld waarbij we dachten: het gaat de goede kant op. We hebben ook de halve finale van de beker gehaald.”

Hoe krijg je de wisselvalligheid eruit? Je gaat met grotendeels dezelfde groep aan de slag.

,,Dat wordt interessant. Daar moeten we in de voorbereiding veel aandacht aan besteden. We moeten stabiliteit, rust en rendement in ons elftal krijgen. Rendement betekent natuurlijk dat je doelpunten maakt en goals moet voorkomen, maar dat kan ook zijn dat je collectief verdedigt – om vervolgens goed te kunnen omschakelen.”

Wat is reëel om van Heerenveen te verwachten?

,,Ik heb me laten informeren dat we de twaalfde of dertiende salarisbegroting van de eredivisie hebben. Natuurlijk wil ik de play-offs halen. Het liefst word ik kampioen. Maar wat voor mij heel belangrijk is: realisme. Dat moet niet in een plaats op de ranglijst zitten, maar in herkenbaarheid in het voetbal. Agressiviteit, discipline, intensiteit, lef en plezier. Zoals dat er was in mijn eerste jaar als trainer. Dat betekent niet dat je tevreden moet zijn met een gelijkspel tegen ADO Den Haag, maar dat je na zo’n wedstrijd wél met applaus van het veld gaat. Dan heb je namelijk een klik met je publiek. Dat wil ik heel graag.”

Toen je twee jaar geleden als hoofdtrainer begon, stond je gevoelsmatig met 2-0 voor bij het publiek. Is die voorsprong het voorbije seizoen geslonken of omgebogen in een achterstand?

,,Dat we een tegengoal hebben gekregen, dat snap ik. Laat ik het zo zeggen: we gaan alle energie erin steken om die voorsprong weer uit te breiden. Ik begrijp de kritiek ook. Leuk is het niet. Maar het hoort erbij. Ze kennen me niet als mens, maar als trainer. En op de trainer Johnny Jansen mag iedereen alle kritiek op hebben.”

Een examenjaar. Dat is een term die vaak valt voor jou. Wat kun jij daarmee?

,,Nou, ik ben nog nooit gezakt. Ik kan het me niet heugen. En als het wel zo is, dan ben ik het vergeten, haha.”