Zwoele passie in sobere enscenering bij Opera Spanga

Carmen van Georges Bizet. Tot en met 7 augustus wordt de opera nog vijf keer opgevoerd in Spanga. Met vierhonderd bezoekers per keer - de tent voor tweederde gevuld - verloopt alles coronaproof.

Het vrouwenkoor.

Het vrouwenkoor. FOTO DINAND VAN DER WAL

Een zwaluwpaar scheert laag en luid piepend over de orkestbak af en aan naar zijn nest hoog in de nok van de tent. Zij zijn duidelijk fan van dit genre en maken zo hun jongen al vroeg vertrouwd met menselijke muziekklanken. De ooievaar bleef meer op afstand . Vanuit onze kuipstoelen zagen we hem ver weg scharrelen in de moerassen van de Rottige Meenthe.

Door de gaten in het sobere, roestige decor, leken de drassige verten extra groen. En tegelijkertijd gaven de open tentflappen alle gelegenheid aan de zangers om rennend, zoenend, zingend en/of vrijend in de buitenruimte te verdwijnen of juist weer op te komen. De rivalen vochten er en de dames giechelden maar vooral werd er door iedereen heel mooi gezongen.

Carmen, mezzo-sopraan Itzel Medecigo, wist wel raad met haar grillige personage. Veeleisend, dominant, super sexy en temperamentvol, verleidde zij de gevoelige Don José (meeslepend en lyrisch uitgevoerd door tenor, Eric Reddet). En wat allen gold, iedereen was uitstekend gecast.

Met haar warme en expressieve stem, gebaren en lichaamstaal, stortte zij zich in het verhaal. De beroemde Habanera l’Amour est un oiseau rebelle zette ze vurig neer, startend vanuit een heerlijk fluister-pianissimo. Dit resulteerde in grote romantische spanning en luistergenot.

De Franse dirigeerslag ligt dirigent Tjalling Wijnstra duidelijk na aan het hart. Bizets (1838-1875) fijnzinnige musiceerstijl hield hij in ere om de Spaans folkloristische stoere marsen heen. Het kleine orkest (twaalf musici) omlijstte de aria’s, duetten en meer. Met gloedvolle klankleur met warme/pittige strijkers, vrolijke/droevige fluiten, pikante houtblazers, straf koper en stevig slagwerk, dat was aangevuld met karakteristieke castagnetten en luchtige belletjes.

De orkestpartij stond als een huis gedurende de hele uitvoering met heftige muzikale explosiekracht en strakke tempi bij alle liefdespieken- en dalen van het liefdesduo.

Het uiterst sobere decor; een arena met zand en twee hokken van sloophout, één voor de dames en één voor de heren vormde de speelvloer. De zangers zaten of lagen in het zand. Dat er zand aan hun perfect gestylde Spaanse broeken, met hoge taille, bleef kleven maakte deel uit van het aardse element. De felle zwart-rood contrasten, de kleuren van tango en flamenco vormden het enige kleurenpalet in het zanderige decor.

De kwaliteit van alle zang was prachtig, het koor (twaalf zangers) had een fantastische samenklank. Alles klopte. Toch ontstond er door de pure benadering (hoe mooi ook) een lichte eentonigheid. Daarnaast werkte soms de effectieve geluidsversterking minder naturel (de zangers droegen een piepklein microfoontje op het voorhoofd) als de zangers in de uiterste hoeken van het podium stonden.

Maar zoals het goed landschapstheater betaamt, droeg moeder natuur haar steentje bij. Het dreigende onweer zette door. Heftige rukwinden gaven de tent de volle laag. Het tentdoek klapperde erg hard; de ijzeren balken kraakten vervaarlijk. Tijdens het tedere betoog van sopraan Micaëla, die Don José toezong om Carmen te verlaten, verlieten enkele gasten haastig de tent.

Voor de mensen die bleven zitten, zal dit de spannendste buitenpremière ooit geweest zijn. Het was bijna onwerkelijk. Gele bliksemflitsen doorkliefden de verten, rommelende donder en gutsende regen zorgden onverwacht voor een enorme spanning in dit libretto.

De grappigste zanger van de hele avond, torreador en nieuwe liefde Escamillio, (David Visser) betrad doorweekt de arena. Wat een prachtige stem en uitstraling heeft deze bariton. Voor de humor moesten we vooral bij de mannen zijn. De dames waren meer begaan met de liefdesperikelen van de vaak ongelukkige Carmen - zij bezongen in dit in intieme onderonsjes.

Het einde van deze opera kennen we. De liefdesdood voor beiden. Carmen stort neer op de rotsstenen maar verwondt Don José toch nog dodelijk. Als een gevelde stier stortte hij neer in het zand van de arena.