Rumoer in Oldemarkt na gewapende overval (reportage)

Oldemarkt - Tussen het haring snijden door heeft visboer Marco Buter (31) wel even tijd om zijn verhaal te doen. Staand in de kraam van vishandel Buter vertelt hij hoe hij en zijn makker Jan Anker (24) achter twee van de drie overvallers aanjoegen.

‘Ik trapte één vol tegen de zijkant van zijn lichaam.’ De pezige visverkoper van Urk lacht breed. ‘Ik ben wel een beetje een sensatiemannetje. D’r op. Geen benauwigheid.’

Het is dinsdagochtend een drukte van belang in de Hoofdstraat van Oldemarkt. Het nieuws van de gewapende overval bij juwelierszaak Vonk gaat als een lopend vuurtje door het dorp. Plukjes dorpsbewoners kletsen wat met elkaar en volgen ondertussen nauwgezet de werkzaamheden van de aanwezige rechercheurs. Natuurlijk gaat het over de gewapende overval bij Henk Vonk. Een persoonlijk drama, volgens de meesten. Vooral omdat juwelier Henk Vonk, die al zo’n 37 jaar zijn sieradenzaak runt in Oldemarkt, in november 2014 ook al werd overvallen door gewapende indringers.

Politie doet uitgebreid onderzoek

Voor de winkelpui van de juwelierszaak staan enkele politiemensen strategische opgesteld. Ze kunnen en mogen weinig zeggen. Ja, dat één verdachte nog voortvluchtig is. En dat Henk Vonk lichtgewond is geraakt nadat hij een klap tegen z’n hoofd kreeg van één van de overvallers. In de etalage van de juwelierszaak liggen glasscherven, waarschijnlijk omdat de overvallers grof geweld niet schuwden om de dure sieraden uit de vitrines te halen.

Brommend cirkelt een politiehelikopter boven het dorp op zoek naar sporen van de verdachte. Op diverse plekken in de buurt van de Hoofdstraat buigen rechercheurs zich over sporen, bepaalde delen van de straat zijn afgezet met rood-witte linten. In een zijstraatje is een bivakmuts gevonden, terwijl in ’t Slingerland twee door de overvallers weggegooide vuurwapens liggen. Met chirurgische precisie wordt een pistool door een rechercheur onderzocht. Ruben Oldenbeuving, politieofficier van dienst, durft niet te zeggen of de pistolen echt zijn. ‘Onderzoek moet dat uitwijzen.’

Heldhaftige visboeren

Rumoerig is het bij de viskraam van vishandel Buter uit Urk. Groepjes dorpsbewoners staan voor de viskraam, niet alleen om verse vis te kopen, maar ook om het verhaal van Marco Buter (31) en Jan Anker (24) aan te horen. De twee Urker visboeren vertolkten eerder die ochtend een heldenrol door achter twee van de drie overvallers aan te gaan. Dat deden ze overigens niet alleen met z’n tweeën: ook de gedupeerde juwelier Henk Vonk, Edwin Oosterga van restaurant Het Hof van Holland en een toevallige passante achtervolgden de brutale overvallers.

Marco en Jan zijn niet te beroerd om hun verhaal te delen. Niet zo verwonderlijk, want het nieuws van de heldhaftige visboeren gaat als een lopend vuurtje door het dorp. ‘Ja, iedereen vraagt ons ernaar’, zegt Marco. De goedlachse inwoner van Urk maakt met luide stem duidelijk wat er vanochtend allemaal is gebeurd. ‘Op een gegeven moment hoorde ik dat er wat aan de hand was. Toen sprong ik meteen naar buiten, ik heb zoiets wel vaker meegemaakt. Ik trapte één gemaskerde overvaller tegen de zijkant van zijn lichaam, die vervolgens de juwelen weggooide.’

Hoewel Marco de overvaller een ferme trap geeft, staat de boef op en neemt de benen. ‘Ik ben er nog achteraan gegaan, maar ik ben hem later kwijtgeraakt.’ Wanneer Marco terugkomt, ziet hij dat een overvaller op de grond wordt gehouden op ’t Slingerland door Henk Vonk. ‘Ik heb hem toen afgelost. Henk zat helemaal onder het bloed.’ De politie rekent de verdachte later in.

Terwijl Marco door de straten van Oldemarkt rent op zoek naar een overvaller, komt Jan oog in oog te staan met de twee andere gewapende boeven. Jan: ‘Ze stonden allebei te zwaaien met een pistool. Eén heb ik met een gietijzeren theekan twee tikken op z’n hoofd gegeven. Daarna gaf ik hem een tik voor z’n bek.’ Hoewel beide visboeren niet zo snel onder de indruk zijn van iets of iemand, zijn ze wel een beetje geschrokken. Jan: ‘Ik heb toch wel een beetje knikkende knieën’. Marco: ‘Ik voel me geen held. Ik sta hier met bibberende handjes, maar we moeten toch gewoon visverkopen. De klanten wachten niet’. Dan buigt het guitige gezicht zich weer over de haringen die gesneden moeten worden.

Juwelen bij elkaar zoeken

Tegen het eind van de ochtend begint het te miezeren. Verschillende dorpsbewoners zetten pas naar huis, waardoor de Hoofdstraat steeds leger wordt. Naast de juwelierszaak van Vonk haalt Annet Farnholt van de winkel Farnholt Mode een paar kledingrekken naar binnen. Ze is geschrokken, maar vooral heel kwaad, vertelt ze als ze binnen staat. ‘Ik ben middenin de commotie bij de winkel aangekomen. Wat een hectiek, helemaal voor zo’n klein dorpje.’ Ze krijgt niet alles mee, maar weet zich nog wel te herinneren dat ‘de visboer eentje vloerde’. ‘Die overvaller liet toen zijn sieraden vallen. Samen met nog een vrouw hebben we toen de sieraden bij elkaar gezocht.’ Iets later neemt ze een kijkje bij haar gedupeerde buren. ‘Henk had zijn kop behoorlijk kapot. Ik wilde hem toen een natte doek op z’n hoofd leggen, maar dat ging niet van harte. Henk zat vol adrenaline’.

Een zucht. Ze is begaan met Vonk, net zoals eigenlijk iedereen in Oldemarkt.