Huurders tevreden met woningstichting

Wolvega - De huurders van Woningstichting Weststellingwerf zijn tevreden over de dienstverlening van de corporatie. Dat blijkt uit het onderzoek dat brancheorganisatie Aedes met haar jaarlijkse benchmark heeft uitgevoerd.

Aan dit onderzoek deden bijna 300 corporaties mee. Het geeft een beeld van de prestaties van elke corporatie en van de gehele sector. Afhankelijk van hun prestaties worden woningcorporaties in de benchmark gerangschikt als A-corporaties (de ‘koplopers’) of B- of C-corporaties (respectievelijk de ‘middenmoters’ en de ‘achterblijvers’).

Nieuwe huurders geven de dienstverlening een dikke 8. Huurders die een reparatieverzoek hebben, waarderen de corporatie ook met een 7,8. Daarmee doet de woningstichting het gemiddeld beter dan andere corporaties.

In het onderzoek is ook gevraagd naar de waardering van huurders voor hun woning. Landelijk geven huurders voor de kwaliteit van hun woning bijna een 7. Bij Woningstichting Weststellingwerf is dit een 7,3. De levert een positie onder de ‘koplopers’ op (A-corporatie).

De woningstichting scoort ook een A als het gaat om de Bedrijfslasten. Op het gebied van Beschikbaarheid & Betaalbaarheid heeft de corporatie ook al een A gekregen. Hierin zie je de grote inzet van de corporatie voor zoveel mogelijk betaalbare huizen terug. Als het gaat om duurzaamheid scoort de corporatie, ondanks het feit dat eind 2019 al een gemiddeld energielabel B voor woningen werd gerealiseerd (waarmee men voorligt op de gemiddelde corporatie in Nederland), toch een positie onder de middenmoters. Dat komt omdat in dit meetveld de berekening van de CO2-uitstoot in woningen gekoppeld wordt aan het woningoppervlak en dat is bij de woningstichting gemiddeld groot.

‘We doen vooral met de benchmark mee om er als organisatie van te leren, maar we zijn toch ook wel trots op onze resultaten. Wij zijn vooral heel tevreden met het oordeel van onze huurders’, aldus Sake Lageveen, directeurbestuurder. ‘Dat is voor ons een van de belangrijkste onderdelen. We willen dat de kwaliteit van onze woningen en van onze dienstverlening goed aansluit bij de behoeftes van onze (kandidaat)huurders. Natuurlijk leunen we nu niet achterover. Er is nog genoeg te doen en te verbeteren.’