Zeeuws feestje in Hawar

Oldeberkoop - Textielinstituut Hawar in Oldeberkoop heeft connecties in heel Nederland. Textielkunstenaars komen er lessen volgen, treffen er gelijkgestemden en exposeren in de galerie. Dit keer zijn de zeven leden van het Zeeuws Textielcollectief er te gast, zij vieren hun 10-jarig jubileum.

Zij tonen ‘hedendaagse textielkunst, individueel werk maar ook groepsprojecten’, zo luidt de toelichting. Bij het zien van de expositie wordt vrij snel duidelijk wat een van die projecten inhield. In verschillende werken duiken dezelfde zwarte, rechthoekige knopen op.

Om te beginnen bij Tini van Bebber, een van de oprichtsters van het collectief. Haar werk getuigt van een enorme werklust en discipline. Op de hoge toonkast liggen sashiko halssieraden. Sashiko is een traditionele, Japanse manier om stof te versterken met stikselpatronen, met name met wit garen op indigo stof. Van Bebber heeft stukjes jeans gebruikt. In een van de sieraden herhaalt ze – met een knipoog – de tekst van het waslabel in kleine steekjes.

Ernaast hangt een werk dat doet denken aan een dagboek, maar dan op katoen. Dit ‘Haiku pad’ bestaat uit steeds even grote lapjes die afwisselend in de lengte en de breedte aan elkaar zijn genaaid. Ze bevatten een datum en een poëtische bespiegeling op die dag: ‘zelfs vreemden groeten / de wereld is vreedzaam / terwijl ik wandel’. Ertussen hangen de al genoemde knopen, waarop de maand is aangegeven.

‘Dagboek’

Een tweede rol katoen bevat alleen de zwarte knopen in een regelmatig stramien. Het doek is grotendeels opgerold, het naar buiten gedraaide deel laat alleen de steekjes zien waarmee de knopen vastzitten. In zijn soberheid doet het denken aan werk van beeldend kunstenaar Jan Schoonhoven. Beide doeken corresponderen met een installatie op een lage tafel, die onder meer bestaat uit een stapel doekjes met geborduurde haiku’s en een stapel ‘onbeschreven’ blaadjes. Alsof de maakster elk moment verder kan gaan met het samenstellen van haar ‘dagdoek’.

Van Bebber heeft meer van dergelijke arbeidsintensieve werken, zoals ‘De rozen van Rilke’ en ‘A circle of my life’. Kunststukjes opgebouwd uit honderden lapjes, waarvan een deel een tekst heeft meegekregen. Uit de cirkel steekt hier en daar een woordje – nu in rood op witte ondergrond – uit de rol van jeansblauw. Ze maken nieuwsgierig naar de volledige tekst, die schuilgaat.

Mysterieus

Ook Conny Loogman speelt met tekst. Zij toont onder meer een geweven boekje, met op elke pagina één of twee letters. Weer laat de complete tekst zich raden, en dat geeft dit blauwpaarse geheel iets mysterieus. De kleur blauw speelt ook in haar andere secure weefwerkjes een belangrijke rol. Ze zijn mooi gepresenteerd in houten doosjes op een blauwe, vilten ondergrond.

Opvallend is haar ‘Samen delen’. Hierbij heeft ze twee aparte banieren geweven, waarbij ze de inslag op sommige plekken uit de stof laat komen. Deze draden hangen in halve cirkels over naar de andere kant, en verbinden beide delen zo met elkaar. Een teer en intrigerend werk.

Gewatteerd

Etuschka Benschop is vertegenwoordigd met installaties van bewerkte stoffen. Een ervan, een body, is gedeeltelijk gewatteerd en is zodanig bewerkt dat het materiaal meer weg heeft van verweerd rubber en roest. Wat heeft dit hemd te vertellen?

Marijke Leertouwer toont installaties met een romantische inslag. Verschillende stapelingen van oude doosjes, een antiek meubelstuk, kant en fournituren, met zorg gekozen op kleur en stijl. ‘Corners of my mind’ bijvoorbeeld, heeft ook een paar stoere elementen zoals een roestig gewicht en een brede epaulet. Die zorgen ervoor dat het geheel niet te zoet wordt.

‘Branding’ van Judy Hooymeyer hangt achter de klapdeuren naar het toekomstig textielcafé. Haar werk is vergeleken met dat van de andere deelnemers vrij grof en past moeilijk in de groepsexpositie. Op de kolkende golven van blauwwit breiwerk met veren en plukken schapenwol zijn ook enkele zwarte knopen aangebracht. De beschikbare foto van ‘Branding’ toont die knopen niet. De toevoeging ervan lijkt last minute en doet afbreuk aan het ‘oer-natuurlijke’ karakter van dit kleed. Gelukkig blijven haar andere stukken ervan gespeend.

Robuuste

De zwarte knopen zijn beter op hun plek in de robuuste sieraden van Willeke van der Stel. Zij combineert allerlei uiteenlopende materialen, zoals vilt, porselein, rubber en koperdraad. En Nelie Zoetemeijer-Van der Nol zorgt – naast het zwartwitte ‘Gros’ – voor opvallend kleurrijke bijdragen. Haar strakke kleurenspel bestaat uit felgekleurde banen textiel en blokken acryl met daarop steeds één kleur en een groep knoopjes. Welke spelregels horen hierbij?

Het is interessant om in deze overzichtsexpositie zoveel verschillende textieltechnieken bij elkaar te zien. Naaien, breien, weven en borduren zijn daar slechts enkele van. De uiteenlopende stijlen maken het nog knap lastig er een samenhangend geheel van te maken. Dat is grotendeels geslaagd, maar was met een (nog?) iets strengere selectie geholpen geweest.

De expositie is te bezichtigen tot en met 31 oktober op vrijdag en zaterdag van 13.00-17.00 uur.