‘We weten wat we aan elkaar hebben’

Met zijn 28 jaar behoort Kevin de Jong tot de jongere leden van de selectie van Zandhuizen. De gemiddelde leeftijd van zijn team ligt rond de 32. Desondanks handhaafden de roodzwarten zich onder leiding van oefenmeester Jonno van Dijk in de vierde klasse. Komend seizoen kan hij gebruik maken van een uitzonderlijk ruime selectie. De Jong gaat voor een plek bij de eerste vier.

De selectie van Zandhuizen versterkte zich dit jaar onder andere met Marcel de Nekker en Bert Veenstra. Deze laatste had de wens zijn voetballoopbaan af te sluiten bij zijn thuisclub en volgde het voorbeeld van Arjen Robben. Het eerste team is een hechte vriendenclub die onder leiding staat van Jonno van Dijk. Een vriend van Kevin. “We maken gebruik van elkaars ervaring en kwaliteiten. We weten wat we aan elkaar hebben.” Ondanks de goede mix presteerde de hoofdmacht van Zandhuizen wisselvallig. “Hoe dat komt?” vraagt Kevin. “Ja, dat is lastig te zeggen. Vorig jaar hadden we een goede periode en zaten we in een flow. Daarbij was het team compleet, maar door blessures, schorsingen en positiewisselingen kwam het klad erin  En dat had invloed op ons spel, omdat we zo goed op elkaar ingespeeld zijn.” Voor dit seizoen maakt de Noordwoldiger zich hierover geen zorgen, want Van Dijk kan putten uit een ruime selectie van 16 man. “Dat is uniek,” weet Kevin.

 

Eerste vier

Hij hoeft lang niet na te denken over de vraag wat de ambitie van de roodzwarten is. “Ik ga voor een plek bij de eerste vier. Het liefst worden we kampioen, maar dat is voor ons niet weggelegd.” Hij speelt graag in dienst van het team en ziet zichzelf als een keiharde werker die er altijd voor gaat. “Ik geef moeilijk op en verzuim bijna nooit.” De Jong moet het hebben van zijn snelheid en heeft graag de ruimte voor zich. Je kunt hem overal op het veld neerzetten, maar het liefst speelt hij op de rechterzijde van het veld, rechtshalf of rechtsback. “Want verdedigen kan ik als de beste,” zegt hij met trots.

 

Vidosa

Net als de andere clubs uit de buurt is het lastig om jonge spelers aan de vereniging te binden. Sinds kort is de voetbaljeugd ondergebracht in SJO-Vidosa, een samenwerking tussen SV Olyphia, VV Oosterstreek, Sport Vereent en VV Zandhuizen. Voor Kevin vormt dit initiatief een opmaat naar een mogelijke fusie tussen de genoemde verenigingen, maar hij beseft dat het een moeizaam proces wordt. “Niet alle clubs staan te springen om een samensmelting,” legt Kevin uit. “Er valt echter niet aan te ontkomen als je kijkt naar de staat van de clubs. Noordwolde, Oosterstreek en Zandhuizen hebben twee elftallen, maar voor Oldeberkoop is dat al niet meer haalbaar.” Evenals zijn leeftijdsgenoten heeft hij geen moeite met een mogelijke fusie, want al jong maakte hij kennis met verschillende voetbalverenigingen uit de buurt. Als jochie startte hij bij VV Oosterstreek en kwam via BOZO, een voorloper van Vidosa, terecht bij SV Olyphia. Tot zijn 23e speelde hij daar in het eerste elftal. Weer later koos hij voor VV Zandhuizen, waar hij nog altijd in de selectie is opgenomen. Al die jaren bleef hij vrij van blessures.

Het voetbalspel is hem met de paplepel ingegoten, want zijn vader en opa voetbalden ook. Opa, een uitgesproken Olyphiaan, vroeg hem al vaak of hij terug wilde keren naar SV Olyphia. Hij vindt het lastig dat zijn kleinzoon voor de buren koos. Kevin: “Zandhuizen en Olyphia gaan goed samen en de jongens komen elkaar in het dagelijks leven overal tegen.”

 

Onderwijzer

In het dagelijks leven staat hij als onderwijzer op school B in Steenwijk voor groep 6. Al jong wist hij dat hij later leerkracht wilde worden en werd gegrepen door het vak door een leraar uit zijn eigen schooltijd. Het was de manier waarop deze les gaf, wat hem het duwtje in de richting van het onderwijs gaf. Sinds die tijd is het vak verandert en hebben hij en zijn collega’s te maken met werkdruk. Dat wijdt De Jong aan de administratie, die veel tijd in beslag neemt. “Eigenlijk moet je tegenwoordig alles bijhouden en de inspectie wil alles kunnen controleren.” Toch heeft hij geen seconde spijt van zijn keuze en stelt hij zich als doel het beste uit elke leerling te halen. “Elke leerling ontwikkelt zich in zijn of haar eigen tempo.”

De pupillen profiteren van zijn jeugdigheid en zijn liefde voor sport? “Ze merken dat ik sportief ben en ik doe met alles met hun mee. En de kinderen vinden dat prachtig.” Het beeld dat buitenstaanders hebben van het onderwijs strookt niet met de werkelijkheid vindt Kevin: “Ik vind dat vak onderschat wordt en dat merk je in de manier hoe de mensen erover praten. ‘Jullie hebben altijd veel vakantie,’ hoor ik geregeld. Maar ik werk wel elke dag tot een uur of zes en ook geregeld in de avonden.” De stakingen gaan volgens hem niet alleen over meer salaris. “Nee, daar haal je de werkdruk niet mee weg. We hebben veel meer zorgtaken erbij die zorgen voor werkdruk. Een onderwijsassistent geeft de leerkracht meer ruimte.”

 

Reizen

Zijn vakantiedagen vult hij in door veel leuke dingen te doen met vriendin Romana. Zij werkt als arbeidstherapeut op Hoeve Boschoord en heeft aanzienlijk minder vrije tijd. Het blijkt echter een reislustig stel, dat graag iets opsteekt van hun reizen. Ze dompelen zich het liefst onder in andere culturen, maar bezoeken ook de plekken van de Tweede Wereldoorlog. Deze zomer zagen ze ondanks de coronamaatregelen nog kans om twee weken door Frankrijk te reizen. Via de bekende plekken van Normandië naar een goede visstek elders in Frankrijk. Want karpervissen is zijn andere hobby, waar hij veel tijd en geld in steekt. Naast een grote schare hengels en toebehoren, gaan zijn boot en tent ook mee. De grootste vangst was een vis van ruim 18 kilo. Voor Franse begrippen een kleine vis.