Liefhebberij: Modelschepen bouwen met de ogen dicht

Boijl – Klaas Bovenkamp (59) uit Boijl bouwt modelschepen. Op zich is dat geen unieke hobby. Klaas doet het echter net even op een andere manier dan anderen. Klaas raakte op zijn achttiende levensjaar zijn zichtvermogen kwijt. ‘Ik zie geen hand voor ogen.’

Van kleine modellen tot schepen van anderhalve meter in lengte. Hij maakt ze allemaal, voorzien van kanonnen, soms met wel vijfentwintig zeilen en miniatuur trapjes voor de bemanningsleden en reddingsboten, mocht zich aan boord een ramp voltrekken. Tot in de details kloppen ze. ‘Ik ben er dagelijks zo’n zeven of acht uren mee bezig’, zegt de hobbyist. ‘Ik kan niet stil zitten.’

Twee grote hobby’s

Het was 1979 toen het leven van Bovenkamp rigoureus veranderde. ‘Ik was toen achttien jaar oud en ik had twee grote hobby’s’, begint hij te vertellen. Meubels maken, tevens zijn werk destijds en motorracen, daar gaf hij alles voor. ‘Ik werkte in de rotanindustrie en ik zou bedrijfsleider worden’, beschrijft hij. In zijn vrije tijd trok hij er vaak op uit met zijn motor, ook off road. ‘Ik had net wat aan de vering gesleuteld, toen het mis ging.’ De motor sloeg over de kop, net als Klaas. ‘Het eerste wat de grond raakte was mijn voorhoofd.’ Het veiligheidsklepje van zijn helm was volledig in de grond verdwenen. Het laat zien met hoeveel vaart Bovenkamp neerkwam. ‘Mijn mond zat vol zand en mijn neus vol bloed. Als ik niet met vrienden was geweest die het zand uit mijn mond haalden, zodat ik weer kon ademen, was ik er niet meer geweest.’ De jongvolwassene belandde op de intensive care en lag drie weken in coma.

De tekst gaat verder na de foto.

Letsel

‘Een beschadigde hersenstam, een schedelbasisfractuur, kapotte oogzenuwen, gekneusde hersenen’, somt Bovenkamp op. ‘Zo kan ik nog wel even doorgaan over mijn letsel. Het was goed mis en al snel werd duidelijk dat ik de leidinggevende functie die ik voor ogen had wel kon vergeten.’ De oogzenuwen zitten vast met wel zesduizend draadjes, vertelt Bovenkamp. ‘Die waren zowat allemaal door. Ik had het gevoel dat draadje A aan draadje Z zat en C aan B. Alles was gewisseld. Als ik links wilde, ging ik rechts en boven was beneden.’ Zicht had hij nog, maar zeer beperkt. ‘Ik kon zo’n vijf graden om mij heen kijken. Zeer weinig als je je bedenkt dat dat daarvoor 340 graden was.’ Als hij zich heel erg focuste, kon hij nog lezen, maar dat ging dan letter voor letter. ‘Er was slechts één millimeter scherp, wat overeenkomt met één letter. Dus als ik aan het einde van de regel was, was ik het begin weer vergeten.’

Therapie

Wel probeerde Klaas weer aan het werk te gaan. Na acht weken in het ziekenhuis te hebben gelegen, mocht hij weer naar huis, waarna drie jaren van therapie volgden. Daarnaast werkte hij twee uurtjes per dag bij zijn werkgever. ‘Niet met de cirkelzaag, zoals daarvoor. Ik nam de minder gevaarlijke klusjes op me.’ Na een jaar werd Klaas volledig afgekeurd.

De tekst gaat verder na de foto.

Afvalhout

De oud meubelmaker liet het er niet bij zitten. Hij klom zelfs weer achter de machines. ‘Ik wist dat ze bij de meubelmakerij veel afvalhout over hadden. Dit kreeg ik gratis om er leuke dingen van te maken. Zo maakte ik een standaard voor een bloempot en diverse kruidenrekjes. Het ging me best goed af.’ De uitdaging werd groter toen Klaas bij een zolderopruiming een modelschip van kunststof vond. Met het minimale zicht dat hij op dat moment had, lukte het hem om het schip na te maken. ‘Ik deed er weliswaar een half jaar over, maar het lukte.’ De houtbewerker leerde zichzelf allemaal trucjes aan, bouwde zelfs gereedschap, zodat het aftekenen op hout niet meer hoefde. Ik kon meteen beginnen met zagen.’ Het bouwen van modelschepen is anders dan het maken van meubels, maar het beviel Klaas enorm. Hij ging ermee verder. De schepen werden groter en beter.

Hotels

En dat ze bij menigeen in de smaak vallen is te zien aan het aantal dat er in zijn woning staat. ‘Van de honderden die ik maakte, heb ik nog maar een paar over. Ze staan bij diverse hotels, zoals in Appelscha en in Doldersum en er is een makelaar die met regelmaat een lading opkoopt. Hij zet ze dan als cadeau in een woning als hij die verkocht heeft.’ Of ik het verkopen van mijn creaties zonde vind? Nee, absoluut niet. Er zit ontzettend veel werk in, maar ik kan het eindresultaat toch niet zien, dus kan ik ze net zo goed verkopen’, zegt Bovenkamp. ‘Als ik één verkoop, geeft dat mij een voldaan gevoel. Het stimuleert mij weer om aan een volgende te beginnen.’ Het hobbyen deed hij in het begin van 8.00 uur ’s ochtends tot 22.00 uur ’s avonds. ‘Naarmate ik ouder werd, ontdekte ik meer leuke dingen, zoals luisterboeken. Daar kan ik mij goed mee vermaken’, zegt Bovenkamp. ‘Waar iemand anders televisie kijkt, zet ik een luisterboek aan.’ Hij heeft te kust en te keur. Elke week worden er duizenden nieuwe luisterboeken online gepubliceerd. Van veertien uur per dag houtbewerken voorheen, doet hij dat nu nog zeven of acht uren per dag. En soms, als een luisterboek niet al te moeilijk te volgen is, knoopt Klaas tussendoor een touwladdertje in elkaar. ‘Voor op het schip uiteraard’, zegt Klaas lachend.

De tekst gaat verder na de foto.

Op de tast

Door nog onbekende reden werd het zicht dat hij nog over had minder en minder ‘tot ik uiteindelijk blind werd’. Sindsdien doet Klaas Bovenkamp alles op de tast. Niet alleen het koken en door de woning lopen, ook in zijn werkplaats ontvangt hij geen assistentie. De lichten boven de zaagmachine blijven dan ook gedoofd als hij iets op maat moet zagen. ‘Geen probleem’, zegt Bovenkamp. ‘Het gaat bijna automatisch, zelfs met de draaiende cirkelzaag.’ Zagen, knopen, lijmen, hij vindt het lekker afwisselend. De kanonnen in de schepen? ‘Maak ik ook zelf, op de draaibank.’ Af en toe, eigenlijk heel zelden komt er iemand bij hem over de vloer die zegt: heb je een ongelukje gehad? ‘Dan liggen er wat druppen op de vloer, die ik zelf niet meer terug kon vinden.’ Een ongeluk zit in een klein hoekje, wuift hij het weg.

Ondanks dat het zijn grote hobby is, gaat Klaas liever nooit meer mee op een zeilschip. ‘Ik heb het wel eens geprobeerd. Toevallig is mijn broer schipper. Maar voor mij is het varen niks aan, ik zie toch niks. Laat mij maar bouwen.’