Lelylijn ook belangrijk voor Weststellingwerf

Wolvega – Op vijftien autokilometers van Wolvega zou noordwestelijk van het klaverblad in de A32 bij Heerenveen een nieuw station moeten komen; station Heerenveen-Noord. Het station, met een directe verbinding met Wolvega, maakt onderdeel uit van de plannen voor de Lelylijn.

Uit een rapport blijkt dat de aanleg van de Lelylijn vooral de economie en woningbouw in Heerenveen en Drachten een enorme boost zal geven. Heerenveen kan uitgroeien tot een plaats met 90.000 inwoners, Drachten tot 84.000 inwoners. De nieuwe spoorlijn tussen Lelystad, Heerenveen, Drachten en Groningen moet worden aangelegd ten westen en noorden van de snelwegen A6 en A7, zo staat in het haalbaarheidsonderzoek van Studio Bereikbaar dat provincies en kabinet woensdag openbaar maakten.

Zuiderzee-spoorlijn

Het plan is niet nieuw. Al in 1988 was het officiële plan van NS om een toekomstige Zuiderzee-spoorlijn in de buurt van Schoterzijl Friesland te laten binnenkomen en via Munnekeburen, Oldelamer, Nijelamer, Nijeholtwolde en Oldeholtwolde ten zuiden van Heerenveen te laten aansluiten op de spoorlijn Zwolle-Leeuwarden. Pas in de jaren ’90 werd deze planning gewijzigd in een tracé dat zo veel mogelijk langs de A7 zou lopen.

Magneetzweeftrein

In de politieke en publieke discussie die vijftien jaar geleden plaats vond rond die Zuiderzeelijn, met een belangrijke lobby voor de magneetzweeftrein, is uiteindelijk door het kabinet Balkenende in 2007 besloten om de Zuiderzeelijn vanaf Lelystad niet verder door te trekken via Heerenveen en Drachten naar Groningen, maar de Hanzelijn in 2012 aan te leggen van Lelystad naar Zwolle. Het noorden werd gecompenseerd met het al gereserveerde geld. Daarvan is o.a. de spoortunnel in Wolvega bekostigd.

Kostendekkend

Maar tijden veranderen en het plan staat weer volop in de belangstelling. De nieuwe spoorlijn kost tussen 3,2 en 6,4 miljard euro en is volgens eerste berekeningen kostendekkend te exploiteren. Van het reizigerspotentieel van 22.500 reizigers per dag is de helft nieuw. De ‘winst’ voor Heerenveen, dat nu al gelegen is aan de intercitylijn Leeuwarden—Heerenveen-Zwolle-Steenwijk-Zwolle, wordt geraamd op 700 extra reizigers per dag. De reistijd tussen Schiphol en Noord-Nederland zou met de verbinding 30 minuten afnemen.

Warm hart

Het gemeentebestuur van Weststellingwerf verwacht ook veel voordeel te hebben van een dergelijke treinverbinding en draagt het project een warm hart toe. Reizigers vanuit Weststellingwerf kunnen dan immers op korte afstand in Heerenveen aansluiten op de Zuiderzeelijn. De gemeenteraad nam ruim een jaar geleden een D66-motie aan om mee te doen aan de lobby voor de spoorlijn. De raad stelde dat de reistijd van Fryslân naar de Randstad en vice versa veel korter kan en moet, de bereikbaarheid van het Noorden kwetsbaar is met slechts één spoorwegverbinding via Zwolle. D66 stelde dat ook Weststellingwerf met snelle verbindingen het aantrekkelijker wordt om te wonen, te werken en voor het vestigen van een bedrijf en ook onze studerende kinderen kunnen sneller en makkelijker naar Groningen of Amsterdam reizen.

Dat onderzoek ligt er nu en daar zal het college zich nu over gaan buigen. Het college vindt het daarbij wel van belang dat de bestaande verbinding Heerenveen-Zwolle niet wordt versoberd en dat de nieuwe lijn aansluit op de bestaande infrastructuur. Dus langs A6 en A7, zoals nu wordt voorgesteld.

Vervolgstudie

In 2006 werden de economische voordelen van de Lelylijn, die toen Zuiderzeelijn heette, als onvoldoende beschouwd. Maar tijden veranderen, zo blijkt uit het rapport. Er is ,,meer spanning ontstaan op de woningmarkt’’ en de trek naar de stad is toegenomen. ,,Met meer economische voorspoed in de stad.’’ Een vervolgstudie moet onder meer uitwijzen hoe groot de woningbouw in Noord-Nederland kan zijn. Door de trek van stad naar platteland kan er hier een potentieel vrijkomen van 100.000 nieuwe woningen.

Veranderde wereld

De onderzoekers keken nadrukkelijk ook naar de psychologische effecten van de aanleg van de nieuwe spoorlijn. Er is sprake van een veranderende wereld, stellen ze. De verhouding in Nederland tussen stad en platteland raakt uit balans, de ongelijkheid groeit en dat zorgt voor toenemende ontevredenheid in de periferie. Aanleg van de nieuwe spoorlijn kan die deels wegnemen. Voor de verdere toekomst kan er halverwege de spoorlijn zelfs een toeristische ‘hub’ worden aangelegd. De onderzoekers noemen als voorbeeld een extra halte bij of boven Lemmer en bij het Kuinderbos.