Overpeinzing.
Door de Stellingwerver kerkgemeenschap

Huidhonger

Al een aantal weken wordt ons aangeraden afstand te houden van elkaar, minstens anderhalve meter.

De ander niet meer aanraken, geen hand schudden, geen arm om de schouder, geen knuffel… Het leidt tot een vorm van eenzaamheid die ook wel ‘huidhonger’ genoemd worden. Die sterke behoefte aan lichamelijk contact, aan aanraking via de huid. Het wordt steeds meer duidelijk dat ieder mens daaraan behoefte heeft.

 

En dan lees ik in voorbereiding op de Paasviering over de ontmoeting in de graftuin tussen de opgestane Jezus en Maria uit Magdala (Johannes 20:11-18).

Daarin valt mij op hoe Jezus tegen haar zegt: ‘Houd me niet vast’.

Woorden die mij in deze tijd van afstand houden ineens heel erg raken.

Ik kan me de reactie van Maria zo goed voorstellen. Na de dood van Jezus, de daaropvolgende sabbat vol verdriet en verbijstering, en dan op deze derde morgen de ontdekking dat de steen is weggerold voor het graf. Zij trekt de conclusie dat iemand Jezus heeft weggenomen –opstanding kan zij zich niet voorstellen – maar nu zij Jezus aan zijn stem herkent, wil ze Hem dicht bij zich houden.

En dan die woorden van Jezus ‘Houd me niet vast’. Het klinkt hard, het klinkt als een verbod.

Past dat wel bij Jezus, die zo vaak mensen aanraakte? Past dat wel bij de opgestane Heer, die Thomas uitnodigt zijn wonden aan te raken?

Of moeten we deze woorden misschien iets anders lezen? Legt Jezus het accent niet op aanraken, maar op loslaten? Na de dood van Jezus is niets meer hetzelfde. Tegelijk is Hij dezelfde, die totaal anders is. Hij leeft een nieuw soort leven. De relatie van Maria met Jezus zal dan ook anders zijn dan eerst. Hij vraagt haar om Hem los te laten, zodat Hij kan Leven. Als je Hem vastlegt, is Hij dood.

De opstanding van Jezus is geen weg terug naar hoe het was, maar de weg omhoog, naar de Vader. En de boodschap van Maria is ook voor ons: “Ik heb de Heer gezien!”. Wat is uw antwoord?

Esther Pierik, Protestantse Gemeente Scherpenzeel/Munnekeburen